Kolibrie vlinder

TVS_0565

De Kolibrie vlinder is weer in de tuin aanwezig, het is een hele beweeglijke vlinder die snel van bloem tot bloem vliegt en even er boven blijft hangen.

De kolibrievlinder is te herkennen aan de grijze tot bruine voorvleugels met twee van elkaar af gelegen donkerbruine, dunne en enigszins grillige strepen aan de bovenzijde. De achtervleugels hebben een oranje kleur aan de bovenzijde. De spanwijdte (of vlucht) van de vleugels is ongeveer 5 centimeter. De vlinder beschikt over een lange tong en is in staat om stil te hangen in de lucht bij een bloem tijdens het opzuigen van nectar. Omdat de vlinder hierdoor doet denken aan een kolibrie heeft de soort de Nederlandstalige naam kolibrievlinder gekregen. In de Nederlandse taal wordt de kolibrievlinder ook wel meekrapvlinder, onrustvlinder of onrust genoemd. De naam meekrapvlinder slaat op de plant waarvan de meeste rupsen leven; meekrap. De naam onrustvlinder is te danken aan het zeer snelle vlieggedrag.

 

TVS_0600

De kolibrievlinder is als trekvlinder en als standvlinder in de Benelux het gehele jaar aan te treffen. In de hete en droge zomers van 2003 en 2006 is de soort hier massaal waargenomen. Veel trekvlinders, zoals de doodshoofdvlinder, komen pas aan het einde van de zomer aan in Nederland, maar de kolibrievlinder is soms al in het voorjaar te vinden. De eieren worden in Nederland van mei tot september afgezet. Van exemplaren die al in januari werden aangetroffen werd gedacht dat het overwinterende vlinders betrof maar het blijkt waarschijnlijk toch om immigrerende vlinders te gaan. De vlinder kan in Nederland vrijwel het gehele jaar worden waargenomen, maar vliegt vooral in de maanden augustus en september.

Bron: Wikipedia  Foto’s T.V.S.photography

Glasvleugelpijlstaart

klein.1

Glasvleugelpijlstaart Vanmorgen zag ik op Floxen een Glasvleugelpijlstaart vlinder, ze bleef heel lang rond vliegen van bloem naar bloem.

De glasvleugelpijlstaart (Hemaris fuciformis) is een vlinder uit de familie pijlstaarten (Sphingidae).

Met zijn geelbruine pels, witte band, zwart achterwerk en doorzichtige vleugsel lijkt de glasvleugelpijlstaart op een fors uitgevallen hommel. De spanwijdte bedraagt tussen de 38 en 48 millimeter.
Het is een snelle vlieger die al stilhangend met zijn lange tong nectar uit bloemen van onder andere rododendrons, vlinderstruiken en koekoeksbloemen kan drinken.kleinDe vlinder komt voor in Noord-Afrika, Europa (uitgezonderd Noord-Scandinavië) en Centraal en Oost-Azië. In Nederland vooral boven zandgrond vrij algemeen. De vliegtijd loopt van eind april tot half september, per jaar vliegen twee generaties.
Waardplanten van de rupsen zijn soorten van de geslachten kamperfoelie en walstro. De rupsen, met de voor de pijlstaartenfamilie]] kenmerkende puntstaart en vaak rode ringen om de stigma’s, zijn te zien van juni tot augustus. Overwinteren gebeurt als pop tussen dorre bladeren op de grond.

Bron: wikipedia.nl  Foto’s: T.V.S. photography

Viervlek Libellen

TVS_9648

Viervlek Libellen

Viervlek gefotografeerd in het Natuurgebied Huis ter Heide, een mooi wandelgebied tussen Tilburg, De Moer en Loon op Zand.

Van eind april tot begin september. Zijn Jonge imago’s te vinden in de buurt van het voortplantingswater, bijvoorbeeld in heidegebieden of langs bosranden. Geslachtsrijpe mannetjes vertonen territoriaal gedrag aan de waterkant. Ze zitten hier op uitkijkposten (bijvoorbeeld een pijpestrootjestengel) en maken korte vluchten waarbij ze ander mannetjes verjagen en vrouwtjes grijpen voor de paring. Eitjes worden door het vrouwtje los in ondiep water afgezet, waarbij ze beschermd wordt door het mannetje. Het mannetje blijft boven haar vliegen en probeert andere mannetjes die willen paren te verjagen.

TVS_9646

Op sommige plaatsen en in sommige jaren kan de dichtheid aan viervlekken erg hoog zijn. Uit andere delen van zijn areaal, maar vroeger ook uit Nederland, zijn gevallen bekend van enorme zwermen viervlekken, die miljoenen exemplaren kunnen omvatten.

Bron: libellennet.nl  Foto’s: T.V.S.photography

Goudvink

TVS_9107

Laat in de middag een klein wandeling gemaakt door de Gaas, heel veel vogels horen zingen maar nu de blaadjes al flink gegroeid zijn kun je ze bijna niet zien, ik was van plan om naar huis te lopen toen ik iets rood in een klein boompje zag vliegen, een Goudvink

TVS_9100.1

Goudvinken zijn, ondanks het fraaie kleurvertoon van de mannetjes, niet zulke opvallende vogels. Dat komt ondermeer doordat ze niet erg beweeglijk zijn. Ook de geluiden die de vogels maken zijn niet erg opvallend, behalve voor wie weet waarnaar hij of zij moet luisteren (een treurig, zacht roepje).Goudvinken kom je tegen in oude en jonge naaldbossen, gemengde bossen, loofbossen, parken en in grote tuinen met veel variatie en ondergroei. In de ondergoei maken ze hun nest. In boomgaarden wordt een goudvink door fruittelers niet graag gezien. Ze eten namelijk in groot tempo de knoppen op.Schuwe bosvogel, die zich niet snel laat zien. Meestal laat het mannetje zich verraden door zijn contact roep. In de wintermaanden kunnen goudvinken ook vaker in grotere stadstuinen met veel groen aangetroffen worden. Zowel het mannetje als het vrouwtje hebben een zwarte kap. Het mannetje heeft een opvallende helder roze buik en wangen. Het vrouwtje is onopvallender gekleurd. Beide hebben donkere staart en vleugels met opvallende witte vleugelstreep.

Bron: vogelbescherming.nl  Foto’s: T.V.S. Photography

Boompieper en de Kuifmees

Boompieper en de Kuifmees, de Boompieper was volop aan het zingen op de heide in een dennenboom samen met een Kuifmees.

TVS_8977

De boompieper leeft graag aan de rand van bossen en open plekken. Moerassen zijn zeer geliefd, maar ook kaalgekapte bospercelen en heideterreinen worden volop bewoond door boompiepers. In tegenstelling tot graspiepers gaan boompiepers vaak in een boom zitten. Vooral de zangvlucht van een boompieper is erg karakteristiek. Vanuit een boom begint de vogel omhoog te vliegen om vervolgens als een parachute of een badmintonshuttle met stijve vleugels en hangende poten weer in een boom te landen. Midden op de dag op een zinderende hete heide, als alle andere vogelsoorten hun snavels op elkaar houden, kan de melodieuze zang van boompiepers nog gehoord worden

TVS_8999

De kuifmees is een bijna endemische Europeaan: de verspreiding is vrijwel beperkt tot Europa. Dat komt niet veel voor in de vogelwereld. Net zomin als de prachtige nonchalante kuif, die bij opwinding zo mogelijk nóg verder wordt opgezet. Kuifmezen zijn nogal territoriale vogels die het gehele jaar in hun broedgebied verblijven. Alleen jonge vogels vormen in de winter zwervende groepjes. In het voorjaar zoeken ze alsnog een eigen territorium, waar ze de rest van hun leven zullen blijven. De kuifmees heeft misschien wat onverwachte vijanden: spechten zijn dol op mezeneieren en schromen niet een nestje kuifmezen op te peuzelen. Kuifmezen houden van bossen waarin dennen (Pinus-soorten) overheersen.

Bron: Vogelbescherming.nl  Foto’s T.V.S. Photography

Gekraagde Roodstaart

April.1.copy

De Gekraagde Roodstaart is weer aanwezig ze zal wel weer in de stenen muur gaan nestelen.

De Gekraagde roodstaart is een vogelsoort van oude, parkachtige bossen. Deze vogelsoort is vooral te vinden op de zandgronden. Open plekken, oude bomen, graslanden of heiden moeten elkaar afwisselen. Gekraagde roodstaarten zijn holenbroeders, welke ook wel van nestkasten gebruik maken. De aanwezigheid van een gekraagde roodstaart blijft vaak onopgemerkt: het is nogal een schuwe en onopvallende vogelsoort die vaak pas opvalt wanneer het mannetje uitbundig zit te zingen. De gekraagde roodstaart is tegenwoordig niet meer zo algemeen als enkele decennia geleden.

Gekraagde roodstaarten trekken via Frankrijk en het Iberisch Schiereiland naar Marokko, en dan verder naar tropisch Afrika.

Bron: Vogelbescherming.nl  Foto: T.V.S. Photography

Dennenspanners

TVS_8855.1

Dennenspanners, dit is de eerste keer dat ik haar tegenkwam een vrouwtje, deze soort nachtvlinder houdt net als een dagvlinder ook de vleugels tegen elkaar, waarbij de witachtige streep en de donkere dwars lijnen op de onderzijde van de achtervleugel opvallen. Bij het mannetje zijn de antennen geveerd, bij het vrouwtje niet. Dennenspanners komen verspreid over het hele land voor.

Naaldbossen en heiden met naaldbomen; volgroeide bomen hebben vaak de voorkeur.
Vooral den; als er te weinig dennen aanwezig zijn ook andere naaldbomen.

Begin mei-eind juli in één generatie. Op warme dagen vliegen de mannetjes rond naaldbomen, vooral volgroeide dennen.
Zowel mannetjes als vrouwtjes kunnen uit de takken worden geklopt en komen op licht, de mannetjes soms in redelijke aantallen.

Rups: juli-oktober. De soort overwintert als pop tussen afgevallen naalden op de grond of in de strooisellaag.

Bron: Vlindernet.nl Foto: TVS Photography

Huismussen nestelen


April-copy
Huismussen nestelen overal in onze omgeving.
De huismus is in de laatste twintig jaar sterk in aantal afgenomen. Begin jaren tachtig begon de afname, die begin jaren negentig versnelde. Dit heeft geresulteerd in een landelijke afname van meer dan 50% van het aantal broedparen. En deze trend lijkt zich nog steeds voort te zetten.
Huismussen zoeken hun voedsel, dat voornamelijk uit bessen en zaden bestaat, op de grond.
Daarbij hippen ze op een karakteristieke manier, als een stuiterende pingpongbal, in het rond.

TVS_7161

Huismussen stellen prijs op een rommelige menselijke omgeving, met struikgewas, schuren, weilanden met vee, gemorst graan en zo verder.
Het nest wordt gemaakt in holten van bomen, in nestkasten, onderdakpannen en in gaten en kieren van gebouwen.
Het slordige nest bestaat uit takjes, stro, veertjes en hondenharen.
Om huismussen te helpen kunt u een aantal dingen ondernemen. Klop iedere dag uw tafelkleed buiten uit: de broodkruimels voorzien de mussen van voedsel. Richt uw tuin vogelvriendelijk in, zodat er het hele jaar insecten en zaden te vinden zijn. Voer het gehele jaar speciaal vogelvoer, ’s winters aangevuld met vetbollen en pindanetjes. Plaats een drinkschaal, zodat mussen kunnen drinken en baden. Boeren kunnen hoekjes met graan laten staan. Zorg dat mussen (weer) onder uw dakpannen kunnen komen,. Plaats enkele speciale mussenpannen op uw dak. Hang mussen- of spreeuwenpotten tegen uw woning. Timmer twee of drie huismussennestkasten. Zorg voor dekking van struiken of een haag, waar de vogels zich veilig voelen. kijk op www.vogelbescherming.nl/huismus voor tips.

TVS Photography

Boomkruiper

TVS_7965Boomkruiper

Dit jaar weer voor de eerste keer de Boomkruiper tegengekomen het zijn net muizen als ze langs de boom omhoog kruipen.

De boomkruiper is een stuk minder opvallend dan zijn bijna-naamgenoot, de boomklever. Boomkruipers zijn bruingevlekt van boven en roomwit van onderen. De spitse snavel is omlaag gebogen en zeer geschikt om insecten uit spleten in boombast te peuteren. Daarbij is de boomkruiper prima gecamoufleerd: zijn verenpak lijkt sprekend op boombast. De boomkruiper heeft een karakteristieke manier van voedsel verzamelen. De vogel hipt spiraalsgewijs langs een boomstam omhoog, daarbij de bast afzoekend naar insecten. Op enige hoogte aangekomen vliegt de boomkruiper naar een naburige boom, om daar weer aan de voet met klauteren te beginnen. Ondertussen gebruikt de boomkruiper de stugge staartveren als steuntje waardoor deze, voor wie goed oplet, vaak sterk gesleten punten blijken te hebben. Bij strenge koude kruipen boomkruipers knus bij elkaar; uit zo’n bal van veren kunnen soms wel tien of meer staartjes steken!

TVS_7972

Boomkruipers zijn te vinden waar bomen zijn; zo simpel als het klinkt is het bijna. De boomkruiper stelt geen hoge eisen aan een broedplaats; dat kan ook niet want de concurrentie om goede holtes is groot en een boomkruiper is niet erg sterk en assertief. Daardoor maken boomkruipers nesten achter loszittende boombast, in vervallen nestkastjes, tussen klimopbegroeiing op bomen, muren of schuttingen en op tal van andere plekke

Bron: vogelbescherming.nl Foto’s: TVS Photography

Tulpen

maart.1  Tulpen

Het weer werkt niet zo goed mee voor de tulpen, vorig jaar stonden ze al mooi in bloei.

De eerste tulpenbollen in West-Europa kwamen in 1562 in Antwerpen aan. Het verhaal doet de ronde dat een koopman deze aantrof tussen een lading Turkse stoffen.Denkende dat het uien waren, proefde hij er enkele. Omdat de smaak tegenviel verwees hij de resterende bollen naar de compost, waar er het jaar nadien tulpen bloeiden.

Tulpen kunnen niet in een warm klimaat worden gekweekt, omdat ze een koude nacht en een koude winter nodig hebben om te kunnen groeien.

Tulpenbollen worden gewoonlijk in oktober en november geplant. De bloeiperiode loopt van april tot in juni.

Speciale type gekweekte tulpen zijn de ‘botanische tulpen’ (ook wel wilde tulpen genoemd), tulpen met een korte steel die ook de jaren na het pootjaar weer uitkomen.

_TVS5017

Het kweken van nieuwe bollen gebeurt door in het najaar (oktober en november) tulpenbollen te planten.

De knoppen tussen de bolrokken van deze bollen groeien uit tot nieuwe bollen waarbij de oude bol gebruikt wordt als voedsel.

De knop die naast het groeipunt zit, de zogenaamde a-knop, groeit uit tot een grote bol die te verkopen is voor bloemproductie of direct aan de consument.

Nederland is beroemd om zijn gecultiveerde tulpen en is een van de belangrijkste exportlanden van tulpen en tulpenbollen.

Traditioneel wordt in de lente in de Keukenhof in Lisse een expositie gemaakt van miljoenen tulpen, die vooral door toeristen goed wordt bezocht.

Daarnaast komen er bussen vol toeristen om naar de tulpenvelden te kijken.

Bron: Wikipedia Foto: TVS.Photography

Parende Zwanen

P1000927

Parende Zwanen, bij zwanen is er geen verschil in verenkleed tussen het mannetje en vrouwtje, het enige verschil is dat het mannetje een dikkere hals heeft dan het vrouwtje.

Zwanen zijn monogaam; een paar blijft hun hele leven bij elkaar. Het nest bevindt zich op de grond of op een berg plantaardig materiaal in of op de oever van water.

P1000932

Het vrouwtje broedt in 30-40 dagen gemiddeld zes bleke, effen eieren uit. Ondertussen houdt het mannetje de wacht. Bij het verdedigen van hun broedsel kunnen mannetjes behoorlijk agressief zijn. Hierbij schuwen ze het ook niet om mensen die te dichtbij komen aan te vliegen. Volgens sommigen zouden ze zelfs in staat zijn om de botten van mensen te breken, terwijl anderen geloven dat dit niet mogelijk is. De taak van het mannetje houdt niet op bij het bewaken van het broedende vrouwtje: bij sommige soorten helpt het mannetje ook met het uitbroeden van de eieren.

P1000933

De nestjongen hebben nog een grijze of bruine donsvacht en een relatief korte hals. Al een paar uur na het uitkomen, kunnen ze lopen en zwemmen. Het zijn dus nestvlieders. Gedurende enkele maanden worden de jongen door beide ouders warm gehouden en bewaakt. Voedsel zoeken doen ze zelf. Na de winter worden de jongen uit het territorium verjaagd door de ouders, vóórdat ze een nieuw nest maken.

P1000934

Een zwaan leeft in het wild ongeveer 20 jaar.

’s Winters leven ze in troepen.

Bron: Wikipedia   Foto’s: TVS Photography

Kunstwerk Ontstaan

kunstwerk.maart.2Kunstwerk Ontstaan

Als je Tilburg binnen rijd via de Reeshofweg valt het kunstwerk meteen op ook in de avonduren dan is het mooi verlicht.
Het kunstwerk op de rotonde Reeshofweg nabij de Witbrant West met als titel: ONTSTAAN is in 2004 geplaatst in opdracht van KORT gemeente Tilburg
De eigenaar is de Gemeente Tilburg de naam van de kunstenaar is Wijnand Zijlmans.
Het beeld ‘ Ontstaan’ in de wijk Reeshof is gemaakt uit zwart en rood graniet en is ruim vier meter hoog. Bovenaan het beeld zie je een venster. Het venster heeft de mooie symboliek dat je er van beide kanten doorheen kan kijken. Van de ene kant naar de oorspronkelijke bewoners (boeren), de natuur en het agrarisch landschap en van de andere kant naar de nieuwe bewoners en de huizen en gebouwen van de Vinexwijk. Door dit open venster worden beide kanten tegelijkertijd met elkaar verbonden. De zwerfkei in het venster verwijst naar de geschiedenis en is eigenlijk het middelpunt van het beeld waar alles om draait. In vroegere tijden, toen de landbouw en veeteelt goed op gang kwamen, werden er tijdens het ontginnen van het land grote hoeveelheden stenen maar vooral ook zwerfkeien naar boven gehaald (bron: ‘Van Reij’s hof tot Reeshof’). De kei staat symbool voor de ontwikkeling en welvaart van het Reeshof gebied en wordt gekoesterd in een soort van moederschoot. De binnenkant van het venster is hoogglans gepolijst om de omgeving van de kei zacht en harmonisch te maken. Door twee grote zuilen onder het venster te plaatsen, komt de kei nog beter in het zicht. Hierdoor ontstaat er tevens een soort van poort, die de toegang tot de wijk symboliseert.

Het initiatief voor een kunstwerk kwam van Bewonersvereniging Reeshofpark die graag een baken voor de Reeshof wilde. De bewoners van Reeshof konden op vier ontwerpen stemmen. Het ontwerp van Wijnand Zijlmans werd als winnende ontwerp aangewezen.

Wijnand Zijlmans heeft Beeldhouwen gestudeerd aan de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten in Den Haag. Hij heeft een passie voor natuursteen. Steen gaat terug tot het verste verleden en heeft al een lange reis achter de rug voordat de beeldhouwer er nieuwe dimensies aan verleent. Wijnand Zijlmans maakt de steen transparant en meditatief. Tegelijkertijd laat hij de massiviteit en het poëtische van de steen zien en raakt zo de kern van het natuurlijke materiaal.

Bron: kunstbuitenbinnentilburg.nl Foto: TVS Photography www.zoomm.nl

Sperwer vrouwtje

TVS_7235.1

Sperwer vrouwtje

Het vrouwtjes Sperwer zat op het poortje te kijken waar de mussen waren gebleven, helaas voor haar dit keer geen hapje.

De sperwer is een kleine, snelle roofvogel uit de familie van de Haviken en Arenden.

Kenmerken,

Opvallend is de gele iris, net als de fijn gebandeerde borst en de dunne maar krachtige, gele poten. Sperwers hebben stompe vleugels met een relatief groot oppervlak.

De vleugels zijn veel breder dan van valken, waarvoor ze vaak worden aangezien. Opvallend is het grote verschil in formaat tussen mannetje en vrouwtje.

Vrouwtjes zijn groter en zwaarder dan mannetjes en jagen op grotere prooien dan mannetjes. De lengte van kop tot staart varieert van 28 tot 38 centimeter.

Voedsel,

Zangvogels zijn de voornaamste prooi, met name huismus, vink, merel, spreeuw en mees. Het vrouwtje vangt ook grotere prooien als de Turkse tortel.

De sperwer jaagt vanuit dekking, of met een plotselinge, snelle vlucht in het voorbijgaan.

Voortplanting,

De sperwer bouwt ieder jaar hoog in de bomen een nieuw nest, waarin één tot zes, maar meestal vier of vijf eieren worden gelegd.

Verspreiding,

Sperwers komen in heel Europa voor, met uitzondering van IJsland en het uiterste noorden van Scandinavië en Rusland. Het verspreidingsgebied strekt zich in een gordel uit van Rusland tot Kamtsjatka, Japan en Korea. Sperwers leven voornamelijk in bosgebieden (vaak naaldbos), maar ook in cultuurland en in steden. Vogels uit de noordelijke streken overwinteren in gematigde gebieden.

Bron: Wikipedia     Foto: TVS Photography   www.zoomm.nl

Ooievaars

TVS_6806

Tijdens een bezoekje aan het Safaripark Beekse Bergen vlogen de ooievaars in de blauwe lucht en een paar waren nestmateriaal aan het verzamelen.

Ooievaars zijn trekvogels die grote afstanden af kunnen leggen. In Zuid-Afrika heeft de soort de neiging plotseling op te duiken in streken waar een insectenplaag optreedt. Dat komt doordat er veel te eten is op zo’n plek. Ooievaars zijn sociale dieren, maar hebben ook veel tijd voor zichzelf nodig.

TVS_6697

Ook besteden ze veel tijd aan de kleine jongen. De ooievaar is een groepsvogel; zwermen van duizenden individuen zijn geregistreerd langs de trekroutes en in de overwinteringsgebieden in Afrika. Niet broedende vogels komen tijdens het broedseizoen bij elkaar in groepen van 40 tot 50 exemplaren.

TVS_6781

Als twee ooievaars op hun nest zitten, verklaren ze elkaar hun “liefde” met spectaculair snavelgeklepper. Ooievaars zijn niet trouw aan elkaar, maar ‘nesttrouw’. Dat verklaart waarom sommige ooievaarspaartjes lang bij elkaar blijven. Een ooievaar is vruchtbaar vanaf het derde levensjaar.
Vanouds werd kinderen wijsgemaakt dat baby’s door de ooievaar gebracht werden.Tegenwoordig vindt men dat kinderen de waarheid wel mogen weten, maar nog altijd wordt de geboorte van een kind schertsenderwijs in verband gebracht met ooievaars. Zo zet men een houten ooievaar in de tuin waar een kind is geboren en wordt op geboortekaartjes een ooievaar afgebeeld.

Bron: Wikipedia  Foto’s: TVS Photography