Grote bonte Spechten Man en Vrouw

_TVS3854

Vrouwtje

De Grote bonte Spechten Man en Vrouw komen elke dag voor de pinda’s, als het vrouwtje bij de pinda’s zit hoor je de man roffelen op de bomen.

De grote bonte spechten is aangepast op een leven in de bomen. De tenen zijn zo geplaatst dat de vogel gemakkelijk verticaal kan klimmen. De staart is stevig en wordt tijdens het klimmen als ondersteuning gebruikt. De stevige, scherpe snavel van de grote bonte specht wordt door de vogel onder andere gebruikt om een nestholte uit te hakken, om voedsel te zoeken en om contact te maken met soortgenoten. Het voedsel wordt voornamelijk gevonden op stammen en takken van bomen, waarbij de snavel gebruikt wordt om insecten en kleine diertjes uit het hout te lokken.

specht

Mannetje

De grote bonte specht lijkt sterk op twee andere in Nederland voorkomende spechten: de middelste bonte specht en de kleine bonte specht. De grote bonte specht komt het meeste voor en onderscheidt zich behalve door het formaat ook door het ontbreken van een geheel rode kruin bij het mannetje.

Bron: www.vogelvisie.nl

Foto’s T.V.S. Fotografie

Buizerd en Kraai

_TVS3428.1

De Buizerds en Kaaien zijn weer druk aan het vliegen en zweven in lucht de maar o wee als er een Buizerd te dicht bij een kraaiennest komt, dan is het bonje met de buren, wel jammer dat ik bij 2 foto’s te veel tegenlicht had, de buizerd vloog daarna vlak boven mijn hoofd weg zodat ik me lens van de zon kon afdraaien en wel beteren foto’s kon maken.

_TVS3413.1

Buizerd en Kraai

_TVS3424.1

Buizerd

 

Citroenvlinder en het kleine Vosje

In deze mooie voorjaarsdagen kom je geregeld de Citroenvlinder en het kleine Vosje tegen, vooral op de heide. Het kleine Vosje keek me recht aan. en de Citroenvlinders zijn dol op Hedra’s

_TVS3287

 

Het imago vliegt in twee jaarlijkse generaties, die elkaar in vliegtijd overlappen. De eerste generatie verschijnt vanaf begin juni, de tweede volgt vanaf begin augustus. De vlinders van de tweede generatie eten zich in de eerste dagen van hun bestaan vol, teneinde voedselreserve op te bouwen. Daarna zoeken zij een schuilplaats, en gaan in diapauze om te overwinteren. Zij doen dat vaak op koele beschutte plekken, en zijn dan ook vaak te vinden in schuurtjes. Pas na de overwintering gaan zij zich voortplanten. Bij overwintering zijn de vlinders bestand tegen vorst tot zeker -20oC. Binnenshuis worden zij echter actief door de warmte, en kunnen ze de winter, ook bij gebrek aan nectarplanten, niet overleven.

Volwassen vlinders van de eerste generatie worden 25 tot 60 dagen oud, die van de tweede generatie 280 dagen tot een jaar.

_TVS3283

 

De citroenvlinder is een van de langstlevende soorten die als imago meer dan een jaar oud kan worden. De vliegtijd is van juli tot en met oktober en van februari tot en met mei. In de tussentijd wordt een winterslaap gehouden in holten in bomen of lage, groene struiken zodat de vlinder moeilijk te vinden en goed gecamoufleerd is. Ook als het imago rond juni uit zijn pop komt wordt al snel een soort zomerslaap gehouden. Hierdoor wordt het grootste deel van het relatief lange leven al rustend doorgebracht.

Bron: Wikipedia.nl

Foto’s: T.V.S.Fotografie

Buizerds

buizerd.1000

De buizerds cirkelen weer samen hoog boven in de blauwe lucht in het voorjaar zijn ze altijd samen.

De buizerd is waarschijnlijk wel de bekendste Nederlandse roofvogel. Het is een stevige vogel, niet erg goed toegerust op het vangen van snel bewegende prooien zoals bijvoorbeeld valken dat kunnen. Buizerds moeten het dan ook meer hebben van muizen, zieke konijnen, wormen en aas. Dat aas werd hen helaas noodlottig; in het verleden (en nog steeds!) werden buizerds vergiftigd door mensen die de roofvogels als concurrenten beschouwen. Gelukkig zijn deze praktijken sterk afgenomen, waardoor het aantal buizerds sterk is toegenomen. In de winter overwinteren in onze streken grote aantallen Scandinavische buizerds, die massaal op paaltjes in weilanden en langs snelwegen neerstrijken. Ze doen zich, vaak ten koste van hun eigen leven, te goed aan verkeersslachtoffers langs onze snelwegen. In de trektijd kunnen groepen van vele tientallen buizerds worden gezien, die hoogte proberen te winnen door een warme luchtstroom onder de brede vleugels te vangen. Door van deze thermiek gebruik te maken kunnen ze met een minimale inspanning grote afstanden afleggen.

buizerd.1.1000

Buizerds maken hun nest in een hoge boom, vaak een lariks of grove den. In Flevoland worden ook veel populieren gebruikt om een nest in te maken. Het voedsel wordt gezocht in een gevarieerd gebied: bossen, open plekken, weiden en akkers. Maar ook langs snelwegen, in de duinen en industrieterreinen.

Een legsel per jaar met 2 tot 3 eieren in de maanden April-Juni

Bron: www.vogelbescherming.nl

Foto’s: T.V.S.Fotografie

Winterkoning

_TVS2771De Winterkoning was druk in de weer om insecten te zoeken in de border met dit zachte weer vlieg er al van alles rond, het voorjaar is al weken te vroeg aan de gang, te hopen dat we geen strenge vorst meer krijgen, want alle planten en bomen zijn al aan het uitlopen.

_TVS2764

Het verhaal gaat dat de winterkoning, die toen nog geen winterkoning heette, bij een wedstrijd om het koningsschap der vogels op een slimme manier won. De vogels besloten een wedstrijd te organiseren en de vogel die het hoogst kon vliegen zou koning worden. De winterkoning schatte zo in dat hij kansloos was, tenzij hij een list verzon. Hij verstopte zich in de veren van de arend en toen de arend niet meer hoger kon komen, begon de winterkoning aan zijn vlucht. Sindsdien houdt hij van trots zijn staartje omhoog.

_TVS2748

 

_TVS2739

Bron: vogelbescherming

Foto’s: T.V.S. Fotografie

Helleborus Orientalis

_TVS2520 De Helleborussen staan nu volop in bloei in onze tuin, het is altijd mooi om weer bloeiende bloemen te zien in februari.

Standplaats: halve schaduw / zonnig

Grondsoort: goed doorlatende, humusrijke grond
Bloeiperiode: jan – april
Hoogte: 40 – 60 cm
Wintergroen: niet-bladverliezend
Winterhard: ja

Weinig planten in de winter kunnen de schoonheid evenaren van helleborussen. Het zijn echt winterbloeiende planten. In een zeer milde winter kan helleborus al in januari beginnen te boeien. Meestal loopt de bloeitijd van eind januari tot eind april. Helleborus groeit het beste op een zonnige, halfschaduwrijke plaats. Staat de plant in de diepe schaduw, dan zal hij minder bloemen krijgen.

_TVS2515Soorten

Helleborus soorten. Helleborus orientalis-hybride is ongelooflijk populair. Dat heeft o.a. te maken met zijn kleurenpalet. Hij bloeit in de kleuren wit, witroze, roze, wijnrood, paars, abrikoos en geel. Bovendien is helleborus orientalis-hybride niet veeleisend. In een humusrijke grond en op een halfschaduwrijke / zonnige plaats zal hij het goed doen. De bladeren en de bloemen verschijnen elk op aparte bloemstelen. Het blad is groenblijvend. Ook zaait Helleborus orientalis zich bijzonder goed uit. Wel duurt het een aantal jaren voordat de zaailingen zelf bloemen gaan produceren.

_TVS2524

Helleborus niger, die bloeit met witte, grote bloemen en leerachtige, donkergroene bladeren met diepe lobben, is in tegenstelling tot andere helleborus soorten geen gemakkelijke plant. Vaak hoor je de klacht dat helleborus niger langzaam groeit en weinig bloemen produceert. Dit alles heeft grotendeels te maken met zijn voorkeur voor een bepaalde grondsoort. Hij heeft namelijk graag een steenachtige, vruchtbare grond, die ook nog iets wat kalkachtig moet zijn.
In het wild groeit de plant o.a. in Duitsland, Italië en Zwitserland in bergachtige streken en op alpenweiden.

Een hele grote helleborus is Helleborus argutifolius, die vaak wordt aangeplant om zijn opvallend, stekelrandig, diepgroen blad. Hij wordt 60-90 cm hoog en 60 cm breed. De lichtgroene, komvormige, knikkende bloemen van Helleborus argutifolius, maar ook de bladeren verschijnen aan één rechtopgaande steel. Helleborus argutifolius ‘Silver Lace’ groeit minder krachtig en beriekt slechts een hoogte van 40 cm.

Bron: www.greenfingersonline.nl
Foto: T.V.S.Fotografie

Kuifmees

_TVS2330

Vanmorgen keek naar buiten en zag een Kuifmeesje eerst dacht ik dat het een Pimpelmees was maar die heeft geen bruine kleur, ze vloog wat dichterbij toen zag haar Kuifje dus vlug foto’s gemaakt

De kuifmees is een bijna endemische Europeaan: de verspreiding is vrijwel beperkt tot Europa. Dat komt niet veel voor in de vogelwereld. Net zomin als de prachtige nonchalante kuif, die bij opwinding zo mogelijk nóg verder wordt opgezet.

 

_TVS2325

Kuifmezen zijn nogal territoriale vogels die het gehele jaar in hun broedgebied verblijven. Alleen jonge vogels vormen in de winter zwervende groepjes. In het voorjaar zoeken ze alsnog een eigen territorium, waar ze de rest van hun leven zullen blijven.

 

_TVS2327

De kuifmees heeft misschien wat onverwachte vijanden: spechten zijn dol op mezeneieren en schromen niet een nestje kuifmezen op te peuzelen. Kuifmezen houden van bossen waarin dennen (Pinus-soorten) overheersen.De verspreiding van de kuifmees is vrijwel beperkt tot de Europese dennenbossen. Alleen in de Oeral komt de soort ook buiten Europa voor.
Kuifmezen zijn strikte standvogels, die ’s winters nog geen vleugellengte buiten het normale territorium komen.

Bron: www.vogelbescherming.nl

Foto’s: T.V.S.Fotografie

Moeder met vier jonge Cheetah

_TVS2104 Zondag was de Moeder Cheetah met haar vier jonge buiten, ze lagen alle vier op de moeder je kon ze niet goed zien van wegen hun schutkleur.

Tijdens de jacht rent een jachtluipaard ongeveer 65 km per uur, maar hij kan nóg harder lopen. Zelfs meer dan honderd km per uur. Hij nadert een prooi tot op dertig tot vijftig meter afstand. Dan achtervolgt hij zijn prooi met een korte sprint. Als hij z’n prooi na driehonderd meter lopen nog niet te pakken heeft, stopt hij ermee. Als hij wel zijn prooi heeft te pakken, is hij nog niet verzekerd van een rustige maaltijd. Andere roofdieren, zoals leeuwen en hyena’s, pikken een deel van de buit in. Daarom schrokt hij het vlees zo snel mogelijk op.

_TVS2109

Verschillende groepen
Een vrouwtje leeft een paar jaar samen met haar jongen. Als de jongen hun moeder verlaten, trekken de jongen nog een tijdje samen op. Oude vrouwtjes of vrouwtjes zonder jongen leven vaak alleen. Mannetjes leven alleen, met z’n tweeën of drieën. Samenlevende mannen zijn vaak broers.

_TVS2092

Leefgebied: Afrikaanse savanne, ten zuiden van de Sahara
Voeding: gazellen, impala’s, hazen, gnoekalveren en vogels
Leeftijd: Wordt zo’n 10 jaar oud, in gevangenschap tot 15 jaar
Gewicht: 40 tot 65 kilo Nakomelingen • 3 – 5 (soms zelfs 8)
Draagtijd: 90 tot 95 dagen

Bron: Safaripark Beekse Bergen
Foto’s: T.V.S.Fotografie

Slotje Limburg Oosterhout

2014-01-31_14.16.55 Dit slotje was van oorsprong een omgrachte hoeve die in 1454 tot slotje werd uitgebouwd door Peter de Hertog. Het is vernoemd naar het stadje Limbourg, hoofdstad van het Hertogdom Limburg, alwaar Peter de Hertog rentmeester was. Ook was hij schepen van Oosterhout.

2014-01-31_11.34.53

Na Peter’s dood in 1463 kwam het achtereenvolgens aan de geslachten Gijsels van Lier, Van Alkemade, Van Duivenvoorde, Coenen Zegenwerp, Oirtsen, Van der Hoeven, Van Loon, Heyliger en Brouwer.
Van 1875-1879 werd het slotje bewoond door de Zusters van het Magdalenenconvent, die gevlucht waren uit het toen Pruisische Czarnowąsy (Opper-Silezië) ten gevolge van de Kulturkampf. Hierna kwamen de Franse Redemptoristen, die toen uit Frankrijk waren verdreven vanwege de Seculariseringspolitiek. Vervolgens werd het slotje weer particulier bezit.

2014-01-31_14.16.33

Van 1902-1910 woonde er een Franse baron, ene R. de Denesvres de Domecy. Daarna woonde er mevrouw Brouwer Ancher, een telg uit het geslacht Van Oldenzeel tot Oldenzeel. Deze verkocht het slotje aan de gemeente Oosterhout.
Na een verbouwing fungeerde het van 1940-1980 als gemeentehuis. Vervolgens kwam er een architectenbureau in het slotje. Vanaf 24 november 2012 wordt het gebouw gebruikt als hoofdkantoor van de firma De Haan Minerale Oliën
2014-01-31_11.34.13

Het oudste deel van het Slotje Limburg ligt aan de Ridderstraat. Later kwamen er vleugels in westelijke en zuidelijke richting, die om een binnenplaats waren gelegen. In 1940 werd ook de binnenplaats onder een kap gebracht. Hoewel het gebouw veel van zijn oorspronkelijke karakter heeft verloren heeft het met zijn torentjes en omgrachting nog steeds een kasteelachtig karakter.  Bron: Wikipedia

2014-01-31_14.17.44 Foto’s T.V.S.Fotografie

Huismus

mus

De Huismussen zijn nu al vogelhuisjes aan het veroveren, de koolmezen krijgen dit jaar ook weer geen kans meer om er een te kraken,

Zelfs mensen die niets met vogels hebben, geven toe geschrokken te zijn van het nieuws dat de huismus hard achteruit gaat in Nederland. Huismussen horen zo bij het straatbeeld dat het zonder hen opeens opvallend steriel is. Nu is het niet zo dat de huismus opeens een bijzondere vogelsoort is geworden. Nog altijd kunnen huismussen op veel plaatsen worden aangetroffen. Hoewel huismussen typische zaadeters zijn, worden de jongen gevoerd met allerlei insecten, welke de noodzakelijke eiwitten voor de groei van de jongen leveren.

mus.1

Huismussen zoeken hun voedsel, dat voornamelijk uit bessen en zaden bestaat, op de grond. Daarbij hippen ze op een karakteristieke manier, als een stuiterende pingpongbal, in het rond. Huismussen stellen prijs op een rommelige menselijke omgeving, met struikgewas, schuren, weilanden met vee, gemorst graan en zo verder. Het nest wordt gemaakt in holten van bomen, in nestkasten, onderdakpannen en in gaten en kieren van gebouwen. Het slordige nest bestaat uit takjes, stro, veertjes en hondenharen.

Bron: vogelbescherming.nl

Foto’s T.V.S.Fotografie

Boomklever

_TVS1871

Boomklever

De boomklever komt weer elke dag zonnepitten halen en die verstopt hij stukje verder in een grote boom, hij is een voorraadje aan het aanleggen als het weer slechter gaat worden. De foto’s heb ik omgezet in olieverf.

Het opvallende, gedrongen lichaam en de kleur van het verenkleed zijn de belangrijkste kenmerken van de boomklever. In Nederland is de vogel met geen enkele andere soort te verwarren.

_TVS1888

Het voedsel bestaat voornamelijk uit insecten die de vogel zoekt door met de snavel in de boombast te hakken. Hierbij klimt de vogel als enige Nederlandse vogel ook met de kop naar beneden omlaag. Behalve insecten worden vooral in de winter ook noten en zaden gegeten. De vogel breekt noten soms open door ze in een spleet te klemmen en er met de snavel op te hakken. In het najaar legt de boomklever een ruime wintervoorraad van zaden en noten aan.

Het nest van de boomklever wordt bijna altijd in een boomholte gebouwd. Hierbij maakt de vogel de grootte van de ingang precies op maat, te kleine openingen worden groter gehakt, terwijl te grote openingen gedeeltelijk dichtgemetseld worden met een mengsel van modder en speeksel.

Bron: vogelvisie.nl

Foto’s: T.V.S.Fotografie

Zwavelkopjes

_TVS9749

Zwavelkopjes kom je regelmatig tegen in het bos, deze zijn Volwassen Zwavelkopjes.

Beschrijving
Hoed gewelfd, Ø 2-7 cm, helder zwavelgeel, met een oranjebruin centrum, de rand vaak met bleekgele tot bruine velumresten.
Lamellen citroengeel-groenig tot vuil grijsgroen.
Steel 4-10 cm x 5-10 mm, gebogen, zwavelgeel, met een zwakke, door de sporen purperbruin verkleurende ringzone en een bruine steelbasis. Vlees zwavelgeel. Smaak zeer bitter. Geur zwammig.
Giftig.

Voorkomen
In bundels of groepen op dood hout (houtsnippers) van loof- en naaldbomen in bossen en plantsoenen. Voorjaar-herfst.
Saprofiet.

_TVS9750

Status
Algemeen.

Verwante en/of gelijkende soorten
Psilocybe capnoides

Extra informatie
Hoewel de Gewone zwavelkop in vroeger tijden in de Zwitserse huisapotheek gold als een probaat middel tegen reumatische klachten en gonorroe, geeft hij maag- en darmbezwaren en kan hij zelfs de lever beschadigen.

Bron: Soortenbank.nl

Foto’s T.V.S. Fotografie

Muurwesp

013_01.1000

Toen ik de foto van dichterbij bekeek zag ik dat de Muurwesp ook wel  Metselwesp genoemd een rups tussen haar pootjes had, alleen de vrouwtjes vangen rupsen.

De muurwesp zie je vaak zitten als je in de celletjes kijkt. Hij kijkt je dan recht in je gezicht, terwijl hij in zijn celletje de wacht houdt. Muurwespen zijn net als de gewone wespen geel met zwart gekleurd, maar ze leven heel anders. Ze jagen op rupsen en steken deze met hun angel zodat ze verdoofd worden. Dan nemen ze de rups mee en stoppen hem in een van de celletjes van het houtblok. Daar bovenop leggen ze dan een eitje. Op die manier krijgt de larve van zijn moeder een verse prooi want de rups is verdoofd maar niet dood! Is het eitje gelegd en zijn er voor de baby voldoende grote rupsen verzameld dan metselt de muurwesp de babykamer dicht met een soort cement dat ze zelf maakt van spuug en klei en zand.

011_01.1000

Zulke wespen worden daarom ook wel metselwespen genoemd, net zo als we ook metselbijen kennen. Ze verzamelen de klei door die met hun scherpe kaken van de bodem los te schrapen en het als een propje samen te ballen. Dan nemen ze de hele kluit tussen de kaken en vliegen er ‘met de mond vol’ mee weg. Dat aanslepen van al die klei is een heel karwei, en soms zie je dan ook dat er hele slimme maar niet zo eerlijke wespen zijn (bijv. de slanke, volledige zwarte spinnendoders) die de klei van vlakbij van de afgesloten celletjes van andere wespen of bijen stelen. Zijn zij net klaar met al dat gezwoeg met klei, dan maken de anderen [hun buren] hun celletjes weer open door er de klei weer weg te schrapen! Muurwespen worden ook wel graafwespen genoemd omdat ze hun huisjes niet alleen in muren, houtblokken en rietstengels maken, maar ook in de grond. Naast hen zijn er ook nog andere graafwespen. Hun namen vertellen je vaak direct waar zij op jagen. Zo zijn er spinnendoders, vliegendoders, rupsendoders en cicadenvangers.

Ook van deze soorten komen er verschillende op de tuin en in de wespen­flat voor. Ze verdoven hun prooi met de angel, tillen hem dan op met de poten en dragen hem onder de buik terwijl ze naar het nest vliegen. Sommige dragen de prooi zelfs aan hun angel achter zich aan. Net autootjes met aanhangwagens! De soorten die op kleine prooien jagen stoppen daarvan verschillende in elke babykamer, terwijl weer andere zulke grote prooien vangen (vaak veel groter dan ze zelf zijn) dat één vangst voldoende vlees is voor elke wespenbaby.

Bron: Gemeente Groningen.nl/natuuronderwijs

Foto’s T.V.S. Fotografie

Ree in de Gaas

herfstbos.3

Een paar jaar geleden een Ree gefotografeerd in het bos de Gaas, vandaag toevallig tegengekomen in mijn fotoarchief, Helaas heb ik toen maar een foto kunnen maken.

REEËN BIJNA OVERAL IN NEDERLAND VOORKOMEN?

Aan de rand van dorpen en steden, vanuit de trein of de auto in de Flevopolder, zelfs op Ameland en Terschelling; reeën leven bijna overal in Nederland. De kans op een ontmoeting mede deze publiekslieveling is groot. Dat is wel eens anders geweest. Rond 1875 leefde het ree alleen op de Veluwe en in Limburg. Bosaanleg zorgde ervoor dat het aantal reeën toenam. Nu er steeds meer ecoducten zijn, kunnen reeën zich nog makkelijker verplaatsen.

Reeën de ruimte nodig hebben?

Het territorium van een volwassen reebok is ongeveer 5-30 hectare groot. Tijdens de bronst leggen de bokken grote afstanden af om bij reegeiten te komen. ’s Winters is voldoende bewegingsruimte zelfs van levensbelang om voedsel te vinden. Natuurmonumenten is daarom voorstander en voorvechter van ecoducten op de Veluwe. Ecoducten zorgen er voor dat dieren zich over grotere afstanden kunnen verplaatsen. In de bronst hebben reebokken een eigen territorium die ze verdedigen, over het algemeen blijven ze in hun gebied maar jonge bokken verplaatsen zich wel om ook een territorium te kunnen veroveren.

Reeën met elkaar fiepen?

Mensen praten. Reeën fiepen. Fiepen is het geluid waarmee reeën onderling communiceren. Mensen die dit geluid goed nabootsen, kunnen reeën lokken. Dat doen ze met de fiep, een instrument dat is gemaakt om mee te fiepen. Vergis je niet: fiepen is een kunst. Wie goed wil leren fiepen moet heel wat jaren oefenen.  Alleen de geit fiept, of met haar kalf of om een bok te lokken in de bronsttijd. Bij onraad blaffen zowel bokken als geiten.

Reeën zorgen voor natuurlijke variatie?

Reeën en andere hoefdieren noemen we grote grazers. Ze hebben voorkeur voor een gevarieerd menu. Om aan voedsel te komen trekken ze rond en laten via vacht en uitwerpselen overal zaden achter. Zo zorgen ze voor variatie in de vegetatie en lage en hoge bomen en struiken en zelfs voor kale plekken. Vogels, zoogdieren en insecten profiteren van grote grazers, die hun leefgebied aantrekkelijker maken. Ook als een ree of edelhert dood gaat. Aaseters zoals de raaf, wouw, vos en das weten er net als insecten wel raad mee.

Bron: Natuurmonumenten.nl

Foto: T.V.S.Fotografie