Landkaartje

Vandaag een landkaartje tegengekomen ik was eigelijk op zoek naar Oranje tipjes op Pinksterbloemen in de Witbrant.
Ook blij met het Landkaartje zat op een stronk van een Berk op de Heide

Half april-eind juni en begin juli-half september in twee generaties. De vlinders zoeken vooral ‘s morgens en laat in de middag naar nectar. De mannetjes verdedigen een territorium of maken patrouillevluchten langs een bosrand; in de middag scholen de mannetjes vaak samen bij een opvallende struik.

Voorvleugellengte: voorjaarsgeneratie 16-18 mm, zomergeneratie 17-21 mm. Vlinders van de voorjaarsgeneratie en de zomergeneratie verschillen sterk van elkaar, maar de onderkant van de vleugels vertoont altijd een karakteristiek landkaartpatroon. Bij vlinders van de voorjaarsgeneratie is de bovenkant van de vleugels oranjebruin met een zwart vlekkenpatroon, waardoor de vlinder enigszins doet denken aan een parelmoervlinder. De vlinders van de zomergeneratie hebben zwarte bovenvleugels met langs de achterrand een oranjerode gevlekte band en over het midden van de vleugel een witte band.

Bron www.vlinderstichting.nl  Foto Tonnie Verheijden

 

 

Share

Groenling

De Groenlingen komen weer op bezoek voor zaadjes.

Een groenling is ongeveer 15 centimeter lang. Het mannetje is olijfgroen van kleur, vooral op de stuit. De rug heeft een bruine tint en de onderzijde is meer geelachtig. De randen van de vleugel en de meeste staartpennen zijn aan de basis helder geel. De dikke snavel is bijna wit en de poten zijn vleeskleurig. Het wijfje is minder intensief van kleur, zij is meer grijsgroen en haar geel in de veren is veel valer.

Het voedsel bestaat voornamelijk uit jonge plantjes, zaden, haver, bessen, bladknoppen en soms ook weleens insecten.

Het nest bevindt zich in heggen en struiken of in altijdgroene planten. Het is gemaakt van takjes, twijgjes of worteltjes en afgewerkt met haren en veertjes. Het legsel bestaat uit vier tot zes witte tot lichtblauwe eieren met roestbruine vlekjes en hebben een broedtijd van 12 tot 14 dagen. De jongen worden door beide ouders verzorgd.

Bron: Wikipedia  Foto: Tonnie Verheijden

Share

Boomklevers

De Boomklevers komen trouw elke dag voor de pinda’s.

De boomklever is een korte, dikke en actieve vogel met een krachtige puntige snavel. Hij is vrijwel in geheel Europa een tamelijk algemene standvogel. De opvallende en helder klinkende roep is vaak de eerste aanwijzing van zijn aanwezigheid. In de winter is hij een geregelde bezoeker van tuinen waarin pinda’s worden aangeboden.

De bovenzijde en bovenkop zijn blauwgrijs. De onderzijde is isabelkleurig met roodbruine flanken. Bij het volwassen mannetje is de achterflank scherp begrensd oranjebruin en hierdoor is het al bij onvolwassen exemplaren mogelijk om het geslacht te bepalen. Verder heeft hij een brede zwarte oogstreep met lichte wangen en keel. Bij het volwassen vrouwtje is de achterflank minder scherp begrensd oranjebruin. Verder is het identiek aan het mannetje.

De boomklever klimt en daalt schoksgewijs langs de boomstam, zonder op zijn staart te steunen. De Scandinavische ondersoort heeft aan de onderzijde lichtere en zelfs geheel witte onderdelen. De vlucht van deze gedrongen dikke vogel is golvend en snel terwijl de korte staart in het midden zwart is. Buiten de broedtijd bevindt de boomklever zich wel in gezelschap van mezen.

Bron Wikipedia  Foto’s  Tonnie Verheijden

Share

Papaver Slaapbol

De Papaver staan weer in bloei 10 jaar geleden zaadjes meegenomen uit de tuin van mijn Zus in Canada.
Tuinpapaver speciaal gekweekt voor zijn fraaie bloemen.

Alhoewel de slaapbol vooral bekend is door zijn narcotische werking is de plant ook erg voedzaam.
De zaden bevatten veel olie. Met een pers is het mogelijk om olie uit de zaden te krijgen, de zaden bevatten 45% aan niet drogende olie.
De olie is goed als olijfolievervanger. De zaadjes zijn ook geschikt om mee te koken met rijst,
deze maken de rijst wat voller en geven de rijst een lekkere nootachtige smaak.
De zaadjes worden vaak over broodjes gestrooid (voor het bakken) en zijn het maanzaad.
De zaadjes bevatten nagenoeg 0% van de narcotische middelen.
De plant is zelfuitzaaiend, als je de zaadjes oogst moet je ze niet allemaal oogsten, laat er een paar zitten en hark de plant eventueel onder. Volgend jaar krijg je dan gegarandeerd nieuwe planten.
De planten kunnen gemakkelijk uit maanzaad worden gezaaid.

Bron: http://www.permacultuurnederland.org Foto’s Tonnie Verheijden

Share

Baltsen grote koolwitjes

_TVS4740

Vorige week met het warme weer Baltsen grote koolwitjes tegen gekomen langs de bosrand in de gaas, het is wel enkel weken vroeger dan in andere jaren, heel mooi om te zien.

Voorvleugellengte: 28-32 mm. De zwarte vlek op de bovenkant van de voorvleugelpunt loopt langs de vleugelrand naar beneden tot voorbij de zwarte vlek op het midden van de voorvleugel. De aders op de onderkant van de achtervleugel zijn niet grijsgroen bestoven. Het vrouwtje heeft twee zwarte vlekken op de bovenkant van de voorvleugel; bij het mannetje ontbreken deze vlekken.
_TVS4742

Gelijkende soorten

Het klein koolwitje en het klein geaderd witje zijn meestal kleiner en hebben veel minder zwart in de vleugelpunt van de voorvleugel; bij het klein geaderd witjezijn bovendien de aders op de onderkant van de achtervleugel grijsgroen bestoven.

Voorkomen

Een zeer algemene standvlinder die verspreid over het hele land voorkomt.
_TVS4743

Habitat

Vooral bosranden, houtwallen, ruigten, (moes)tuinen, parken en bloemrijke graslanden.

Waardplanten

Zowel wilde als gecultiveerde kruisbloemigen, waaronder look-zonder-look, zandraket, zeekool, damastbloem (in tuinen) en allerlei koolsoorten (in moestuinen).
_TVS4746

Vliegtijd en gedrag

Eind april-half juni en begin juli-begin september in twee generaties; soms een derde generatie in september en oktober. De vlinders vertonen in sommige jaren trekgedrag.

Levenscyclus

Rups: eind mei-half juli en half augustus-begin oktober. Jonge rupsen leven in groepen en eten vooral van de bladranden; grotere rupsen leven solitair. De rupsen worden vaak geparasiteerd door sluipwespen. De verpopping vindt plaats onder een natuurlijk of kunstmatig dakje. De soort overwintert als pop, hangend tegen een boomstam of een muur.

Bron: www.vlindernet.nl  Foto’s T.V.S. Fotografie

Share