Wintertalingen

TVS_0990.1

De Wintertalingen zijn aan het verzamelen bij het Leikeven in Huis ter Heide.

De wintertaling (Anas crecca) is een vogel uit de familie van Anatidae (zwanen, ganzen, grondel- en zwemeenden). Deze eend komt voor in een groot deel van Europa en Azië. In de noordelijke delen is het een trekvogel die overwintert in de tropen (zie kaartje).
Kenmerken
Een volwassen wintertaling is ca. 35 cm groot en 350 gram zwaar. Het is daarmee de kleinste eend die in Europa voorkomt. Deze eend wordt ook wel de Euraziatische wintertaling genoemd omdat in Amerika een sterk gelijkende soort voorkomt, de Amerikaanse wintertaling (Anas carolinensis) die vroeger (en soms nog) beschouwd werd (wordt) tot een ondersoort (A. crecca carolinensis).
Het mannetje van de wintertaling is overwegend grijs en heeft een kastanjebruine kop met daarop rond het oog een glazend groene vlek, omzoomd door dunne gele lijntjes. Andere opvallende kenmerken zijn een horizontale witte streep op beide flanken en een helder, okergele vlek op de anaalstreek. Vrouwtjes zijn bruin, met uitzondering van een kleine groene spiegel (achterkant van de vleugel), een kenmerk dat beide seksen hebben en waardoor zij zich onderscheidt van het vrouwtje van de zomertaling.

TVS_0989.1

Leefwijze
Hun voedsel bestaat voornamelijk uit plantenkost (zaden), maar ook kreeftachtigen en insecten staan op het menu. Het mannetje maakt een hoog fluitend geluid, terwijl het vrouwtje kwaakt.

Broedgedrag
Deze vogels broeden op de toendra, in graslanden en bosachtige streken, soms in zeer kleine watertjes. Het legsel bestaat uit acht tot elf lichtgele of lichtgroene eieren, die door het vrouwtje gedurende 23 dagen worden bebroed.

Bron: wikipedia.nl   Foto: T.V.S.Nature photography

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *