Rood Borstje en Staartmeesjes

_DSC0002Het Roodborstje en de Staartmeesje zijn weer aanwezig in de tuin, altijd mooi om naar te kijken.

Roodborst,

Veldkenmerken. 14 cm. Gemakkelijk te herkennen aan aardbruine bovendelen, witte buik en onderstaart, en oranje gezicht en borst die van bovendelen gescheiden zijn door grijze band. Oog groot en donker, opvallend in egaal oranje gezicht. Geslachten gelijk. Juveniel met oranjegele vlekken, als een juveniele lijster of Nachtegaal. Opgerichte houding. Doorgaans niet schuw en makkelijk te benaderen. In de zomer wordt territorium verdedigd door paar, in de winter hebben individuele vogels een voedselterritorium, dat met grote agressie wordt verdedigd. In de winter wordt aanwezigheid van territorium aangegeven door luide zang, ook door vrouwtje.

Geluid. Roep metalig ’tik tik’, soms kort ratelend. Zang wordt gehele jaar gehoord, luid, melodieus en parelend, vanaf verheven zangpost, maar vogel zit zelden geheel open.

Voorkomen. Algemene standvogel, maar in noorden en oosten zomergast.

_DSC0004

Habitat. Vochtige loofbossen met ondergroei. Vermijdt dicht bos, droog naaldbos en open gebieden als velden, woestijnen, etc. Op trek ook in geïsoleerde bosjes en heggen in open gebieden.

Voedsel. Ongewervelden, zaden en vruchten. Fourageert voornamelijk op de grond, pikt hierbij ook onstuimig in de grond om ondergrondse prooi op te sporen. Jaagt soms vanaf lage uitkijkpost. Bron: soortenbank.nl

Staartmeesjes,

_DSC0005

Staartmeesjes zijn mooie grappige vogeltjes

Veldkenmerken. 14 cm. Onmiskenbaar. Kleine mees; staart neemt de helft van de totale lichaamslengte in. Kop wit met brede zwarte oogstreep, zwarte rug met roze mantelzijden, handpennen zwart en wit, lange zwarte staart met witte zijden. Onderdelen wit met roze op onderstaart tot aan poten. Snavel zwart en zeer kort. Ondersoorten uit noorden en oosten missen zwart op kop, mediterrane ondersoort heeft vage oogstreep en grijze mantel. Vlucht vrij zwak, met opvallend lange staart. Buiten broedseizoen meestal in groepjes, vaak samen met andere mezen. Heeft acrobatisch gedrag.

Geluid. Hoog ’sisisi’, karakteristiek ’chirrup’.

Voorkomen. Algemeen.

Habitat. In loof- en gemengde bossen, parken, etc.

Voedsel. Voornamelijk kleine ongewervelden; fourageert op twijgen. Komt vrijwel nooit op de grond. Bron Soortenbank.nl

1 Reactie

  1. Hoi Tonnie,

    het roodborstje is en blijft een prachtig vogeltje. En jij hebt dus gewoon ook staartmeesjes in je tuin. Echt super.

    Groetjes, Helma

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *