Schorpioenvlieg

De schorpioenvliegen (Panorpidae) zijn een familie van insecten die behoren tot de orde Mecoptera (Schorpioenvliegen). Wereldwijd zijn ongeveer 500 soorten beschreven, verdeeld over een vijftal geslachten.

Het is een interessante groep die behoort tot de oudste insectenordes die een volledige gedaanteverwisseling bezitten.

Kenmerkend voor sommige schorpioenvliegen (soorten welke behoren tot de familie van de Panorpidae) is het tangvormig orgaan dat mannetjes aan het achterlijf hebben, dat omhoog gekruld wordt gedragen en dat daarom enigszins doet denken aan de staart van een schorpioen, maar geen angel heeft en verder volkomen ongevaarlijk is. Het insect gebruikt het alleen bij de paring. De vleugels zijn vaak gevlekt. De lichaamslengte varieert van 0,9 tot 2,5 cm.

Schorpioenvliegen zijn roofinsecten, die naast dode insecten en ander aas, ook worden aangetrokken door plantaardig voedsel.

Bron: Wikipedia  Foto: Tonnie Verheijden

Share

Grijze Zandbijen


De Grijze Zandbijen zijn volop aanwezig op de Hei in de Gaas.

De grijze zandbij is een van de grootste zandbijen. Het vrouwtje wordt 13 tot 15 millimeter lang. Het mannetje is kleiner en wordt 10 mm. De bij is zwart met een egaal lichtgrijze, donzige beharing over het gehele borststuk en kop. Het achterlijf is kaal en zwartglanzend. Het mannetje, dat duidelijk kleiner is dan het vrouwtje, lijkt een wit snorretje te hebben.

De bij heeft een vrij korte tong en bezit verzamelharen voor het stuifmeeltransport aan de achterpoten. De voorvleugels bezitten drie submarginale cellen en een zeer zwak gekromde basale ader die schuin van het midden tot aan de rand van de vleugel loopt. De soort vliegt van maart tot en met mei, met de piek halverwege april. Vanaf de tweede helft van mei worden ze niet meer waargenomen. Als voedsel wordt wilgenstuifmeel gebruikt; de zandbij is een soortspecifieke specialist. Hun vliegperiode is dan ook beperkt tot de bloeitijd van de wilgen. Iets later op het jaar haalt ze ook stuifmeel van paardenbloemen. De soort leeft in pioniersvegetaties.

Grijze zandbijen hebben geen angel en kunnen dan ook niet steken.
In maart zijn de eerste mannetjesbijen waar te nemen. Ze worden een paar dagen voor de vrouwtjes actief. Op zoek naar vrouwtjes vliegen ze laag over de grond. Als een vrouwtje verschijnt, vliegen ze ernaartoe en proberen soms meerdere mannetjes tegelijk ermee te paren. De enige functie van de mannetjes is paren. Nadien sterven ze dan ook.
De grijze zandbij leeft vooral in zandgrond in heide, bos of zandputten, in open plekken nabij dijken en rivieren. Het leefgebied is steeds in de omgeving van wilgen; deze bevinden zich gemiddeld in een straal van 250 meter eromheen.

Share

Hoornaar

_tvs9247

De Hoornaar kwam elke dag voor zijn fruithapje.

De hoornaar of paardenwesp (Vespa crabro) is een vliesvleugelig insect uit de familie plooivleugelwespen (Vespidae). De hoornaar behoort tot de echte wespen of papierwespen (Vespinae) en is een van de bekendere soorten wespen in Europa.

De hoornaar kan tot 3,5 centimeter lang worden en is hiermee de grootste wespachtige van België en Nederland. Daarnaast komt de wesp voor in delen van Azië en is door de mens uitgezet in Noord-Amerika. Behalve door indrukwekkende afmetingen valt de hoornaar op door zijn roodbruine kop en borststuk en het duidelijk hoorbare, zoemende vlieggeluid. De soort komt niet in grote aantallen voor in België en Nederland, maar is ook weer geen zeldzaamheid. De hoornaar is vooral aan te treffen in het oosten van Nederland. De hoornaar wordt meer dan twee keer zo groot als de meeste andere wespen zoals die uit het geslacht Vespula. Ondanks de indrukwekkende lichaamsgrootte en het luide gezoem is de hoornaar beduidend minder agressief in vergelijking met andere wespen.

De steek van de hoornaar is pijnlijker dan de steek van een honingbij maar het gif is minder krachtig. Hoornaars gebruiken het gif om insecten te doden die zij vervolgens met de kaken vermalen tot een papje en aan de larven voeren. De larven geven op hun beurt een zoete vloeistof af aan de werksters die de suikers gebruiken als brandstof om te kunnen vliegen en zo nog meer insecten te vangen.

Het nest wordt gemaakt van cellulosevezels die van bomen worden geknaagd. Het nest is bolvormig en bestaat uit meerdere raten. In het nest van de hoornaar is geen honing aanwezig zoals bij de ver verwante honingbij het geval is.

handtekening.5

Share